Toespraken\ Een offer geeft mij vreugde...

Een offer geeft mij vreugde

Goddelijke toespraak ter gelegenheid van Krishna's geboortedag

door Bhagavan Sri Sathya Sai Baba

11 augustus 2001 te Prasanthi Nilayam

Geen ziekte is zo erg als hebzucht, geen vijand te vergelijken met woede, geen ellende zo erg als armoede, of vreugde zo groot als wijsheid.

(Sanskriet vers)

Ziekte is niet aan het lichaam voorbehouden. Het denkvermogen en de zintuigen ondervinden ook de gevolgen van ziekten, waarvan de ergste is: hebzucht. Alle desastreuze gebeurtenissen die Duryodhana en zijn broeders ondergingen kwamen uit hun hebzucht voort. Hebberigheid is één van de belangrijkste kwalen waaronder de mensheid gebukt gaat. Ik lijd aan geen enkele ziekte, omdat er geen spoortje hebzucht in mij is. Daarom is lichamelijke ziekte mij onbekend.

Er is geen vijand zo groot als woede. Ik heb van niemand een afkeer, noch heeft iemand gevoelens van aversie jegens mij. Ik houd van iedereen en omgekeerd houdt iedereen van mij. Het levensprincipe is in alle mensen precies hetzelfde. De hele schepping is een eenheid. De betrekkingen tussen de leden van de hele menselijke familie zijn als die tussen de leden van een gezin. Haat en boosheid zijn de bron van verdeeldheid onder de mensen. Er is geen spoortje boosheid of haat in mij en daarom houdt iedereen van mij.

Er is geen ellende zo groot als armoede. Ik ben in geen enkel opzicht arm. De liefde die in mij is, is mijn rijkdom. Hoe zou hebzucht vat op mij kunnen krijgen als ik zo rijk ben? Er is geen armoede in mij. Daarom verkeer ik in voortdurende gelukzaligheid. Ik heb nooit zorgen. Het is essentieel voor alle mensen om deze drie negatieve tendensen te vermijden.

Belichamingen van liefde!

Garga werd zeer gerespecteerd door zowel de Pandava's als de Kaurava's. Hij was de familie leermeester van Nanda en de Yadava's. Hij was een groot geleerde, die enorme kennis en wijsheid bezat. Hij ging naar het huis van Nanda en Yashoda voor de naamgevingsceremonie van de twee baby's.

Er zijn een paar esoterische zaken die niet zo bekend zijn. Incarnaties hebben gewoonlijk plaats in drie categorieën: shukla (wit), aruna (oranje) en pita (geel). Maar hier was er sprake van een zwarte baby. Daarom vond Garga de naam Krishna (zwart) het meest passend. Na de naamgeving vertelde Garga over allerlei episoden die in het leven van het kind plaats zouden vinden. Nadat hij daar een poosje had gelogeerd en enkele episoden had meegemaakt en ervan had genoten, vertrok hij. Na enige tijd bezocht Garga Nanda's huis wederom om Krishna te zien. Hij was een sober mens en was gewend om zijn voedsel met zijn eigen handen klaar te maken. Voedsel dat door anderen ook maar was aangeraakt at hij niet. Yashoda verschafte hem daarom een eigen privé plek om zijn voedsel te bereiden. Hij vroeg om wat meel, melasse en melk. Suiker was toen nog een onbekend zoetmiddel. Snoepjes werden van melasse gemaakt. Garga deed de ingrediënten in een schaal en maakte er een zoete pudding van. Zoals zijn gewoonte was, bood hij het aan Vishnoe aan voordat hij de eerste hap nam. Plotseling kwam de jonge Krishna de kamer binnengehuppeld en begon van de pudding in de schaal te eten. Garga, die nog zat te bidden, deed zijn ogen open en zag dat het kind van het voedsel aan het eten was dat hij voor zichzelf had klaargemaakt. Hij riep Yashoda en zei: "Moeder, ziet u wat uw zoon Gopal doet? Ik had honger en hij heeft, voordat ik er iets aan kon doen, van mijn voedsel gegeten." Yashoda pakte Krishna beet en gaf hem een standje voor wat hij gedaan had. Ze zei: "Weet je niet dat de eerbiedwaardige Garga de goeroe van onze familie is en dat je zijn voedsel hebt ontwijd? Zouden wij onze gasten niet moeten eren en ons betamelijk moeten gedragen?" Krishna antwoordde: "Moeder, ik heb het beslist niet uit mezelf gedaan. Hijzelf riep mij om van de pudding te eten." Yashoda vroeg Garga toen waarom hij Krishna had geroepen, terwijl zij hem nu juist van hem vandaan had gehouden. Garga protesteerde en zei dat hij Krishna niet had geroepen. Krishna maakte een tegenwerping door te zeggen: "O wijze, waarom zegt u een onwaarheid? Aan wie bood u het voedsel in uw gebed aan voordat u de eerste hap zou nemen? Ben ik het niet tot wie u bad? Hoe kunt u alles eerst aan mij aanbieden en dan klagen?" Garga stond een ogenblik perplex, maar erkende toen dat Krishna niemand anders was dan Vishnoe zelf. Hij bad tot Vishnoe en Krishna reageerde er op. In het besef hiervan at Garga wat er door Krishna van de pudding was overgelaten en was daar heel tevreden mee.

Wanneer is Krishna eigenlijk precies geboren? Hij is 3228 jaar voor de christelijke jaartelling geboren op 20 juli om 3.00 uur 's nachts. Daar het nu 2001 is, is hij vandaag 5229 jaar oud. In de gunstige maand Sravana, in de Bahulapaksha (heldere twee weken), op Ashtami dag (8e dag van de maanfase) onder de ster Rohini, werd het heilige kind geboren. Deze samenstand van Ashtami en Rohini heeft vele fantastische gebeurtenissen tot gevolg gehad. In die tijd was er een vrouwelijke demon, die Balanthaki heette. Haar echte naam was aan niemand bekend en ze werd meestal Poothana genoemd. Ze placht van dorp naar dorp te trekken en kinderen met vergiftigde melk te doden. Op één van haar tochten kwam ze in Repalle. Ze verscheen in een prachtige uiterlijke vorm en kwam Yashoda's huis binnen. Ze ging Krishna de vergiftigde melk voeren. Het kind Krishna dronk samen met de vergiftigde melk ook al het bloed uit haar lichaam op, zodat ze dood op de grond viel. Yashoda kwam hard naar Krishna toegelopen toen ze de doffe dreun hoorde van Poothana die op de grond viel. Toen ze de dode demon zag, vroeg ze Krishna waarom hij naar haar toe was gegaan. Krishna antwoordde: "Moeder, ik ben helemaal niet haar toe gegaan. Zij kwam naar mij. Het was mijn plicht deze wrede demon te doden, die naar mij kwam met de bedoeling mij om het leven te brengen."

Toen hij opgroeide bracht hij, samen met de koeherders, de koeien iedere dag naar het bos om te grazen. Op een dag, toen ze in hun spel verdiept waren, liep de kudde naar een belendend bosperceel. Plotseling waren er allemaal vlammen in het bos. De gopala's, angstig als zij waren voor het vuur, smeekten Krishna om hen en de koeien te redden. Krishna nam hun vrees weg door te zeggen dat het allemaal goed zou komen en zei dat ze maar even hun ogen moesten sluiten. Gopala's waren Krishna immer ongehoorzaam en deden wat hij had gezegd. Na enige tijd was het razende vuur geblust en de koeien kwamen teruglopen. De gopala's verwonderden zich zeer over dit voorval en vertelden het aan de anderen in het dorp. Zij zeiden: "Krishna is geen gewoon mens. Hij is waarlijk God, want niemand had zo'n wonder kunnen verrichten."

De volgende dag gingen zij weer naar het bos. Na enige tijd gespeeld te hebben, zei Krishna dat hij honger had. Toen de gopala's naar het dorp wilden gaan om iets te eten te halen, zei Krishna dat zij naar een plek in de buurt moesten gaan waar een heilig vuuroffer werd uitgevoerd en dat ze de Brahmanen om voedsel moesten vragen. De Brahmanen weigerden dit botweg en zeiden dat zij alleen bereid waren het voedsel weg te geven dat er na het laatste offer over zou zijn en nadat zij er eerst zelf van hadden gegeten. Toen Krishna zag dat de gopala's teleurgesteld terugkwamen, zei hij: "Alleen moeders weten hoe kinderen kunnen lijden. Ga de vrouwen van de Brahmanen maar om iets te eten vragen." Op het spirituele pad zijn het in het bijzonder de vrouwen die goddelijkheid snel herkennen. De gopala's gingen naar de echtgenotes van de Brahmanen en zeiden: "Moeder, onze Krishna heeft erge honger. Hij wil iets eten." De moeders waren ontzettend blij dat Krishna, die het gehele universum draagt, hen had uitgekozen om om voedsel te vragen. Zij pakten onmiddellijk lekker eten in zonder het hun echtgenoten zelfs maar te vertellen en gingen naar Krishna toe. Zij stalden de heerlijkheden voor Krishna en de gopala's uit en voelden zich gelukzalig in zijn nabijheid. Krishna zei dat ze naar hun echtgenoten, die op hen wachtten, terug moesten gaan.

Je van je plicht kwijten is yoga (Sanskriet vers). Doe wat je moet doen en stel dat niet uit. Zij keerden naar hun echtgenoten terug en vertelden wat er was gebeurd. Krishna's wil transformeerde de gedachten van hun mannen. Zij waren erg gelukkig en vroegen de zegen van Krishna. Het werd al avond toen de gopala's en Krishna op huis aan gingen. Onderweg troffen zij een demon aan die in de vorm van een slang, genaamd Agadha, op de grond lag. Deze was door Kamsa gezonden. Als de machtige slang zijn bek opendeed konden er zelfs wel hele wagens in. De demon verzwolg al de koeien en stond op het punt zelfs de gopala's te verzwelgen. De gopala's schreeuwden naar Krishna om hulp. Zij zeiden: "Wat zullen onze ouders wel zeggen als we zonder koeien thuiskomen?" Krishna bracht hen tot bedaren en ging de bek van de demon binnen, vergrootte het lichaam tot het openscheurde en redde de koeien. De gopala's, in stomme verbazing over dit voorval, begonnen de glorie van Krishna te verspreiden. Zulke wonderen maakten de gopala's ieder ogenblik mee.

De dagen verstreken en Kamsa besefte dat het hem onmogelijk was om Krishna te doden. Kamsa zond zijn minister, Akrura, om Balarama en Krishna te halen teneinde de heilige Yaga (offerritueel -vert.), die hij zou verrichten, bij te wonen. Wel wetende dat er boze bedoelingen achter deze uitnodiging zaten, ging Akrura naar Repalle en nam Balarama en Krishna mee, daar het zijn primaire plicht was om de opdracht van de koning te vervullen. Toen de gopika's en gopala's zagen dat Balarama en Krishna in Akrura's wagen stapten, blokkeerden zij de weg en verhinderden dat Akrura hun Krishna van hen wegnam. Zij smeekten: "O Krishna, verlaat ons niet. Wie zal ons dan redden? Ga niet naar die slechte koning Kamsa." Krishna troostte de bedroefde gopika's en gopala's met welgekozen vriendelijke en troostende woorden. Zij bereikten Mathura. Kubja, een klein vrouwtje met een kromme rug, had de taak om parfums naar koning Kamsa te brengen. Toen Krishna haar zag, vroeg hij: "Ach vrouwtje, wat draagt u daar?" Zij antwoordde dat zij parfums, waar Kamsa erg van hield, naar hem toe bracht. Krishna ging vlak bij haar staan, stapte licht op haar voet en hief haar op met zijn handen onder haar kin. Kubja, die voordien klein was geweest en een erg kromme rug had gehad, werd helemaal recht en ze zag er zelfs knap uit. Deze lila's (wonderen) werden door Thyagaraja mooi uiteengezet en verklaard:

U gaat iedere beschrijving en elk menselijk bevattingsvermogen te boven.

Kan uw glorie en pracht met die van Brahma worden vergeleken?

Wij hebben op uw genade gewacht, o Heer! Hoor naar mijn ellende en red mij.

U bent degene die de dode zoon van uw leermeester uit de dood weer tot leven hebt geroepen.

U bent degene die de slang Kaliya bedwong, die Vasudeva en Devaki heeft bevrijd en Draupadi voor vernedering hebt behoed.

U hebt Kuchela's wensen vervuld, u hebt het onooglijke vrouwtje Kubja tot een schoonheid gemaakt.

U hebt de Pandava's en de 16.000 gopika's beschermd. U gaat iedere beschrijving en elk menselijk bevattingsvermogen te boven.

(Telugu vers)

De verhalen over Krishna's glorie en wonderen begonnen in het hele dorp bekend te raken en dat was olie op het vuur van de haat die Kamsa jegens Krishna koesterde. Als onderdeel van zijn plan om Balarama en Krishna te doden stuurde hij Akrura naar hen toe om hen allebei uit te nodigen om te worstelen met de worstelaars aan zijn hof. Toen zij door de straten liepen, kwamen zelfs vrouwen hun huis uit om Balarama en Krishna te groeten. Zij zeiden tot zichzelf: "Wie zijn deze kinderen die er zo stralend uitzien? Het zijn misschien wel zonen van een keizer."

Balarama en Krishna kwamen aan het hof van Kamsa waar de worstelwedstrijd aan de gang was. De wedstrijd leverde geen winnaar op, daar ze allemaal even sterk waren. Plotseling liepen Balarama en Krishna naar het podium vanwaar Kamsa het schouwspel gadesloeg en trokken hem van zijn zetel af, waarbij hij op de grond viel. Krishna zette zijn voet op Kamsa's buik, scheurde hem aan stukken en doodde hem aldus. Kamsa had twee vrouwen: Asthi en Prasasthi. Omdat ze niet aan het hof konden blijven, keerden ze naar hun ouders terug. Ook hun vader was een machtige demon. Zodra hij de dood van Kamsa vernomen had, ontstak hij in razernij en smeedde plannen om Balarama en Krishna te doden. Hij raakte vele malen in een gevecht met hen verwikkeld, maar werd ieder keer verslagen en moest vernederd afdruipen. De wonderen van Krishna dienden twee doelen: ten eerste het beschermen van de rechtvaardigen en ten tweede het vernietigen van de slechten. Dit was de dharma (rechtschapenheid) voor de Dwapara Yuga (Dwapara tijdperk) en niet voor de andere tijdperken. Met beminnelijke woorden en door hem een ideaal voor te houden wordt de mens op het goede pad gebracht.

Op een dag had een vrouw wat vruchten in een doek bij zich om die te verkopen. In die tijd was er nog geen geld en alles berustte op ruilhandel. Het fruit moest met graan worden betaald. Ze was verrukt toen ze zag hoe schitterend Balarama en Krishna er uitzagen. Ze riep hen, koos een paar heel mooie vruchten uit en gaf die aan hen. Krishna zei dat hij de vruchten had opgegeten en dat hij haar er iets voor terug wilde geven. Dus ging hij het huis binnen en in zijn jongenshanden bracht hij wat rijstekorrels mee, waarvan hij de helft nog onder het lopen verloor. De oude vrouw ontving de weinige rijstekorrels die Krishna haar bracht en stopte die in de doek. Ze besteedde niet veel aandacht aan wat het goddelijk kind haar had aangeboden. Ze was gewend dagelijks fruit tegen graan te ruilen en die paar rijstekorrels uit een kinderhand vielen daarbij in het niet. Maar zie! Toen ze naar huis ging en het bundeltje openmaakte waren alle rijstekorrels in schitterende diamanten veranderd. Zo zijn nu de daden van de Avatar. De betekenis ervan is buitengewoon en gaat het menselijk bevattingsvermogen verre te boven.

Zoals de Upanishaden zeggen: "Ze zijn van dien aard dat woorden en gedachten absoluut tekortschieten." (Sanskriet vers). De koeienhoeders ondervonden de goddelijke aard van Krishna en genoten ervan. Het leven in die dagen was eigenlijk heilig te noemen. De mensen hielden zich bezig met werk waarbij eigenbelang geen rol speelde. Ze waren altijd allemaal bezig anderen te helpen en brachten geen schade en verdriet toe. Op deze manier herkenden zij goddelijkheid onmiddellijk. Daarom moeten wij alles wat wij doen op onzelfzuchtige wijze verrichten en nooit egoïstisch te werk gaan. Zoals ik zo vaak zeg: Help immer, kwets nimmer. Daar de koeienhoeders voortdurend op deze wijze handelden, hebben velen de fantastische aard van het kind Krishna onderkend. Tegenwoordig is de situatie heel anders. Er doen soms vreemde geruchten de ronde. Iemand zegt dat Sai Baba boos is op X of Y. Maar in werkelijkheid heeft Sai Baba nooit iets tegen wie dan ook. Omgekeerd is er ook niemand vijandig jegens hem. Iedereen houdt van hem en niemand heeft een hekel aan hem. Zijn missie in de wereld is welbekend.

U hebt gemerkt wat er bij de opleiding en opvoeding van kinderen dezer dagen komt kijken. Om een kind bij een basisschool in te schrijven is al een bedrag van 20.000 roepies nodig. Maar bij de Sai instituten is het lager tot en met het hoger onderwijs gratis en wordt er in het geheel geen onderscheid gemaakt naar de achtergrond van de kinderen. Zelfs een doctoraalstudie aan de universiteit kost niets. Onze instituten innen van geen enkele student ook maar een cent. Duizenden studenten hebben de voordelen hiervan genoten. De hele wereld weet dat.

Zo is het ook op het gebied van de gezondheidszorg. U weet wat een hartoperatie kost. Elke operatie komt op zo'n 200.000 tot 300.000 roepies. Is dat haalbaar voor de armen? Waar zouden ze dat vandaan moeten halen? Dit is geen goede zaak. Met het doel voor ogen dat een goede gezondheidszorg voor allen beschikbaar moet zijn, heeft Swami het zeer gespecialiseerde ziekenhuis in Puttaparthi laten bouwen. Deze instellingen krijgen geen overheidssteun. Zelfs het salaris van de docenten wordt geheel door Sai Baba betaald. U weet hoe de salarisschalen van docenten dezer dagen omhoog zijn gegaan. Swami's instituten betalen salarissen die volledig in overeenstemming zijn met de overheidsregels. Ongeacht je aard en de positie die je in de samenleving bekleedt, je moet nooit regels en voorschriften overtreden. Dat geldt ook voor het ziekenhuis in Puttaparthi. Het functioneert nu 10 jaar en er zijn in die tijd al 12.000 hartoperaties verricht. Er is weinig fantasie nodig om je in te denken wie er verantwoordelijk is voor het redden van deze vele levens. In het begin van dit jaar is er nog een tweede zeer gespecialiseerd Sai ziekenhuis opgezet, en wel in Bangalore. Binnen een half jaar zijn daar 1500 succesvolle operaties verricht. Wie heeft het lijden aldaar verlicht? De medisch specialisten worden goed betaald. Sommigen van hen verdienen 100.000 roepies. Daar zijn wel eens bezwaren tegen geopperd, maar ik zei dan dat er geen compromis mocht worden gesloten met de voorschriften en regels. Als ik voor de betaling zorg, waarom zou iemand zich er dan zorgen om moeten maken?

Neem het waterproject in Anantapur. Zelfs nu nog zijn er gebieden waar watertekort heerst. Ik heb 300 miljoen roepies gespendeerd en zo veel mogelijk water toegankelijk gemaakt. Neem Mahboobnagar. Dat is ook zo'n gebied waar een groot watertekort is, in Telangana. Ik vroeg hoofdingenieur Kondal Rao wat een watervoorziening daar zou gaan kosten. Hij gaf een schatting van ongeveer 60 miljoen roepies. Ik zei hem, zich om de miljoenen niet druk te maken, maar over te gaan tot uitvoering van het project. Het heeft geen zin om een project op te zetten als de waterbronnen praktisch zijn uitgeput, dus heb ik er voor gezorgd dat er water wordt aangevoerd uit de Krishna rivier. De kosten van dit project bedragen 110 miljoen roepies. Nu zijn we in het Medak district bezig en het project voor de watervoorziening daar is op dit ogenblik in uitvoering.

Er staan nog vele dergelijke projecten op stapel, die op een soortgelijke manier zullen worden uitgevoerd. Deze handen zijn altijd bezig met helpen en nooit met het toebrengen van pijn of schade. Er zijn jaloerse en kleingeestige mensen die valse en zelfverzonnen propaganda verspreiden. Daar trek ik mij helemaal niets van aan. Ik houd mij slechts bezig met mijn functioneren en niet met de commentaren van anderen. Ik ben me ervan bewust dat allen van mij houden, net zo veel als ik van hen houd. Waar is er plaats voor afgunst of haat in de grote familie der mensheid? Het is allemaal in de eigen gedachten gefabriceerd. Wat iemand zich ook in zijn hoofd haalt, mijn waarheid staat vast. Spreek de waarheid, spreek plezierig en spreek geen aperte onwaarheid (Sanskriet vers). Er is niets groters dan waarheid in dit universum. Waarheid is God; liefde is God, leef in liefde. Liefde is mijn rijkdom. Opoffering is mijn vreugde. Welke grotere vreugde heb ik? Ik heb al deze tijd doorgebracht in dezelfde staat van vreugde en al mijn handelingen zijn vruchtbaar. Alles wat ik doe is voor het goede en goede daden moeten niet worden bekritiseerd. Goede daden slagen altijd.

Misschien is niet iedereen van de actuele stand van zaken op de hoogte. Het draaiende houden van het ziekenhuis in Bangalore kost 3 miljoen roepies per maand. Speciale medicijnen, kunsthartkleppen, e.d. moeten uit Amerika worden geïmporteerd. Het ziekenhuis in Prasanthi Nilayam kost ongeveer 2 miljoen roepies per maand. Ik vraag niet om overheidssteun en krijg die ook niet. Dan zijn er onderwijsinstellingen in Prasanthi Nilayam, Anantapur, Bangalore, Muddenahalli en Rajahmundry. Deze kosten ongeveer 1 miljoen roepies per maand. Alles bij elkaar geteld komen de onkosten op zo’n 6 miljoen roepies per maand. Waar komt dat allemaal vandaan? Ik geef het. Het zou een kapitaal van ongeveer 600 miljoen roepies vergen om voldoende rente te genereren voor de exploitatie van de ziekenhuizen en de onderwijsinstellingen. Als dit het geval is, kan dit niveau van gratis gezondheidszorg en scholing worden gehandhaafd. Er zijn duizenden volgelingen hier en ik heb niemand ooit om hulp gevraagd. Mijn hand is altijd naar beneden gericht (gevend) en nooit naar boven (ontvangend). Mijn hand strekt zich alleen in liefde uit, maar niemand realiseert zich dit ten volle. Wat ik nodig had was een bedrag van 600 miljoen en juist vandaag komt dat uit de Verenigde Staten binnen. Als dit bedrag wordt verdeeld in 300 miljoen voor het ziekenhuis in Bangalore, 200 voor Puttaparthi en 100 voor de onderwijsinstellingen en het wordt tegen rente uitgezet, dan dekt de rente de exploitatiekosten. Ik heb geen persoonlijke wensen. Mijn gehele wezen is onzelfzuchtig. Er is niet de geringste zelfzucht in mij en ik heb niemand ergens om gevraagd. Zou iemand 100 miljoen roepies schenken als het hem werd gevraagd? Niemand. Maar er is één mens die 600 miljoen heeft toegezegd. Ik heb geen direct contact met die persoon. De boodschap luidde: "Swami, u zult het bedrag maandagmiddag ontvangen. Gaarne zou ik zien dat u 300 miljoen op vaste rente zet voor het ziekenhuis in Bangalore en 200 miljoen op een rekening voor het ziekenhuis in Puttaparthi zodra het bedrag is ontvangen." Het is misschien moeilijk om geheel onzelfzuchtige mensen te vinden, maar als je belangeloos werk doet, stromen de fondsen vanzelf toe. India is een land van thyaga (opoffering), yoga (spiritualiteit) en niet van bhoga (zintuiglijke genoegens). Onsterfelijkheid wordt niet bereikt door daden, vruchtbaarheid of rijkdom. Het wordt alleen door opoffering bereikt (Sanskriet vers). Het is deze opofferingsgezindheid die zulke prestaties mogelijk maakt. Ik heb plannen voor nog vele andere projecten.

Het eerste wat je ziet als je 's ochtends de krant openslaat zijn obscene afbeeldingen en nieuws dat helemaal niet bij onze cultuur hoort. Hoe heilig zijn de gedragsnormen van de vrouwen van India! Hoe hoog in aanzien hebben de vrouwen altijd gestaan. Alle energie komt van het vrouwelijke principe. Dit heilige vrouwelijke principe wordt in films en tijdschriften op grove en immorele wijze geperverteerd. Zo'n vulgair exhibitionisme is vernietigend voor de Indiase cultuur. Wij moeten onze cultuur beschermen en de positie van de vrouw en het vrouwelijk gedrag in ere herstellen. Wij moeten een passende methode zoeken om dit te bereiken. Ik wil een fonds met een paar honderdduizend roepies in het leven roepen ten behoeve van diegenen die passende activiteiten kunnen bedenken en uitvoeren voor het herstellen en instandhouden van de ware vrouwelijke waarden en tradities in de media. Met geld kun je achtenswaardige doelen, zoals deze, verwezenlijken. In deze wereld wordt er met geld veel tot stand gebracht en er schuilt geen kwaad in het gebruik van geld voor het handhaven van rechtschapenheid. Alle vormen van obsceniteit moeten uit de kranten en andere media worden verwijderd. Het blootstellen van jeugdigen aan zulke afbeeldingen heeft een slechte invloed en richt hen te gronde. Om deze trend te keren en om de Indiase cultuur te versterken, ben ik altijd bereid te helpen. Waarheid moet tot uitdrukking komen, rechtschapenheid dient te worden bevorderd, aan onrechtvaardigheid en kwaad moet paal en perk worden gesteld, obsceniteit moet worden geweerd en de eer van en het respect voor de vrouw moeten worden hooggehouden. Het respect voor de Indiase cultuur is gebaseerd op de achting voor de vrouw. Welzijnszorg voor de vrouw komt heel het land ten goede. Tegenwoordig wordt de vrouw niet meer op een voetstuk gezet, maar als lustobject gezien.

Onze vice-president van India, de heer Krishna Kant, is hier. Zijn moeder is een heel vrome vrouw. Zij houdt God altijd in gedachten. Eigenlijk heeft Krishna Kant het aan de invloed van zijn moeder te danken dat hij tegenwoordig zo'n hoog ambt bekleedt. Vele grote mannen van dit land danken de positie die ze hebben bereikt aan de invloed van hun moeder. Ik zie zulke mensen altijd graag. Zelfs nu nog adviseert zij haar zoon nog over het juiste pad, ook al is hij al lang volwassen. Krishna Kant is ook een voorbeeldige zoon; hij respecteert zijn moeder en is nederig genoeg om aan haar wensen te voldoen. Er zijn tegenwoordig veel meer van zulke moeders en kinderen nodig. Als de moeders goed zijn, zijn de kinderen ook goed. Om behoorlijke moeder- en kindzorg te garanderen stel ik voor om een moeder- en kind gezondheidscentrum in Bangalore te vestigen. De relatie tussen ouders en kinderen is tegenwoordig verre van ideaal. Ouders zijn vaak bruut en de kinderen ongehoorzaam. Dat is een uiterst ongelukkige situatie.

Beschouw je moeder, vader, leraar en gast als God. (Sanskriet vers). Ouders besteden hun hele leven aan het welzijn van hun kinderen. Kinderen zouden zich dit moeten realiseren en zich daarnaar gedragen. Krishna Kant houdt van zijn moeder; hij is haar gehoorzaam geweest en haar liefde heeft hem een gelukkig leven gebracht. Zulke voorbeelden moeten brede navolging in ons land vinden.

Helaas zijn er vandaag de dag vele vaderloze en moederloze kinderen in dit land, die er slecht aan toe zijn. Ik heb besloten zulke kinderen op te sporen en ze een behoorlijke leefomgeving te verschaffen in de vorm van goede behuizing en studiefaciliteiten, zodat ze voorbeeldige burgers kunnen worden. Ik heb hierover met een topambtenaar van Financiën van het district gesproken. Hij heeft hulp toegezegd en beloofd voor dit doel een stuk grond ter beschikking te stellen. De bouwwerkzaamheden moeten binnenkort beginnen. Ik speel bij wat ik doe volkomen open kaart. Alles is glashelder. Laat mij weten waar wezen of kinderen zonder vader wonen en ik zal zorgen dat er voor deze kinderen een bedrag van 100.000 roepies op de bank wordt vastgezet, zodat ze van de vaste rente kunnen worden opgevoed totdat ze voor zichzelf kunnen zorgen. Alles wat ik doe is gebaseerd op een groot idealisme. Ik heb de president van het bouwbedrijf Nagarjuna Constructions, die u daarstraks gehoord hebt, opdracht gegeven om over te gaan tot de constructie van het gebouw en er vaart achter te zetten. Hij stemde onmiddellijk en met enthousiasme in. Het project houdt in: een wooneenheid voor elk vaderloos gezin, het voorzien in hun levensbehoeften en een schoolopleiding totdat de kinderen deze hebben voltooid en ze in staat zijn onderscheid te kunnen maken tussen wat goed en wat verkeerd is. Er zijn tegenwoordig aardig wat jongeren die een goede opleiding hebben genoten, maar daaronder zijn er velen die geen onderscheid kunnen maken. Onderwijs behoort ook daarin te voorzien. Het is mijn vaste voornemen om aan dat maken van onderscheid onder een breed publiek aandacht te besteden. Wat anderen zeggen deert mij niet, want wat ik voorstel is goed. Ik heb tegen niemand iets en ik houd van iedereen even veel. Doen jullie dat ook: houd van iedereen en iedereen zal op zijn beurt van jou houden. Luister niet naar negatieve commentaren. Houd je aan je voornemens.

Als je besloten hebt wat er moet gebeuren,

Houd daar dan aan vast totdat je succes hebt.

Heb je je wensen geformuleerd over wat er moet komen,

Wijk er dan niet van af totdat ze zijn vervuld.

Als je hebt gevraagd om dat wat er zou moeten zijn,

Laat het dan niet los totdat het er is.

Als je hebt gedacht over hoe het zou moeten,

Neem er dan geen afstand van totdat het is gerealiseerd.

Met zo'n hartelijke instelling moet de Heer wel naar je wensen luisteren.

Wees onzelfzuchtig en vraag het hem met heel je hart,

Wees vasthoudend, volhard en geef nooit op

Want een toegewijde zal nimmer de aftocht blazen

Om zijn voornemens te laten voor wat ze zijn.

(gedicht in Telugu)

Werk aan je besluiten zonder je druk te maken over jezelf en maak dat ik, louter door jouw vasthoudendheid, mee zal werken. Dat zou de relatie moeten zijn tussen jou en mij. Wees betrokken bij goede daden, handel rechtschapen en respecteer de vrouwen. Het welzijn van de vrouwen geeft een indicatie van het welzijn van het land. De geschiedenis van India is vol voorbeelden van geweldige vrouwen, zoals Savitri, die haar echtgenoot uit de klauwen van de dood redde, en Sumathi, die de zon kon laten stilstaan. Men beziet de vrouw met geringschatting en behandelt haar alsof zij niets waard is. Dit is een totaal verkeerde houding. Het welzijn van het land is nauw verbonden met het welzijn van vrouwen. Daarom moeten wij het respect voor de vrouw hooghouden. Dit is het belangrijkste van iemands opvoeding. Neem deze les ter harte. Naar het buitenland gaan, een buitenlandse kwalificatie behalen en een heleboel geld verdienen is geen teken van grootheid. Houd stand in de cultuur van India en houd de eer van je land hoog. Doe mee aan goede werken. Betoon liefde, zelfs aan hen die je slecht behandelen. Ik ben hier een levend voorbeeld van. Mijn leven is mijn boodschap. Dat moet bij jullie ook zo zijn. Als je goed doet, kom je echter wel hindernissen tegen. Mensen gooien stenen naar bomen die vruchten dragen. Zo krijgen goede mensen ook met grove kritiek te maken. Dat moet ons helemaal niet aan het wankelen brengen. Een ruwe diamant krijgt immers ook een veel grotere waarde als hij gekloofd wordt en vervolgens geslepen en gepolijst. Op dezelfde manier kunnen beledigingen tot ornamenten worden. Daarom moeten we beschimpingen naast ons neerleggen en krachtig aan rechtschapen idealen vasthouden. De koeienhoeders die Krishna en Balarama omringden werden voorbeeldige mensen. Zo wil ik ook graag dat alle studenten hier voorbeeldige mensen worden. Dien je ouders, respecteer en gehoorzaam hen onvoorwaardelijk. Dat is de kern van de Indiase cultuur. Lokah Samasthah Sukhino Bhavantu (Mogen alle bewoners van de wereld gelukkig zijn). Dat is ons doel. Stel je eigen geluk niet voorop; verlang naar het welzijn van het gehele universum. Leg egoïsme af, zet je in voor het welzijn van anderen en bereik het allerhoogste doel. Dat is ware opvoeding.

Belichamingen van liefde!

Jullie opleiding is niet bedoeld om alleen maar geld te kunnen gaan verdienen, maar om je goede eigenschappen eigen te maken. Je wilt graag genieten van een zekere welstand, van gezondheid en vriendschap. Maar zonder karakter is dat allemaal niet veel waard. Bouw daarom aan je karakter. Je moet van de grootheid van India over de hele wereld getuigen. Daardoor zal de hele wereld één zijn met India.

Op deze geheiligde Krishnashtami dag bevestig ik dat de dag spoedig zal komen dat de hele wereld, of het nu Pakistan is, China, Duitsland, Rusland of welk ander klein of groot land ook, met ons bevriend zal zijn. Dat moet ons voornemen zijn. Onze natuurlijke goedheid is een factor die daarbij helpt. Dat is de wortel van onze hoop op eenheid. Eenheid houdt zuiverheid in en zuiverheid leidt tot goddelijkheid. Je moet er naar streven om de trits eenheid, zuiverheid en goddelijkheid te bereiken.

Swami besloot zijn toespraak met de bhajans "Hari bhajan bina sukha santhi nahi..., Prema mudita manase kaho..., Subramaniam, Subramaniam... en Vahe guru vahe guru....".

Bron: losse publikatie Sri Sathya Sai Books and Publications Trust, Prasanthi Nilayam.

Vertaald door de Nederlandse Sathya Sai Organisatie.