Toespraken\ De universele moeder...

De universele moeder (pag 1)

Toespraak door Bhagavan Sri Sathya Sai Baba
Geuriger dan zoet ruikende bloemen als jasmijn en champak, zachter dan kaas en boter,
schoner dan een pauwenoog, weldadiger dan maanlicht, is de liefde van een moeder.
(gedicht in Telugu)
Alles dat je in deze wereld vindt, beweeglijk of onbeweeglijk, is niets anders dan de kosmische dans van Shiva. Dit is prachtig, vol van geluk en gaat het menselijk bevattingsvermogen te boven. De dualiteiten van dag en nacht, plezier en pijn, geboorte en dood zijn ontelbaar. Zoals geboorte en dood natuurlijk zijn, zo is ook het bestaan van dharma en adharma (rechtvaardigheid en onrechtvaardigheid) natuurlijk; als dharma toeneemt, neemt adharma af, en omgekeerd. Man en vrouw zijn verantwoordelijk voor de toe- of afname van dharma en adharma. De mens, die niet in staat is de goddelijkheid in zichzelf te realiseren, verkeert in de waan dat goddelijkheid iets anders is dan hij.
Sumathi kon zelfs de zon ervan weerhouden op te komen, om zodoende het leven van haar man te redden. Savitri was in staat om haar dode man weer tot leven te brengen. Waaraan ontleenden zij hun kracht? Het was de kracht van hun toewijding en zuiverheid. Als de mens God met toewijding en vol ijver aanbidt, openbaren zich in hem de goddelijke eigenschappen: sathyam, shivam, sundaram (waarheid, goedheid en schoonheid). Deze goddelijke kracht is latent aanwezig in de mens, schitterend schijnend.
Toen Kamsa zijn eigen zuster Devaki probeerde te doden, kwam haar man Vasudeva tussenbeide en redde haar leven. Dit was mogelijk dankzij zijn aangeboren goddelijke krachten. Je hoeft geen enkele specifieke inspanning te verrichten om de goddelijke krachten te verkrijgen. Ze zijn innerlijk in je aanwezig. Maar ze zullen alleen zichtbaar worden als je over God contempleert, terwijl je jezelf vergeet.
De mens die zijn eigen goddelijke aard vergeet, denkt dat God van hem gescheiden is en doet allerlei spirituele oefeningen om Hem te bereiken. Men aanbidt Hem met verschillende namen zoals Rama, Krishna, Jezus en Allah. Maar er is maar één basiskracht, die de belichaming is van Shiva-Shakti. Dit Shiva-Shakti beginsel is allesdoordringend. Deze wereld heeft een veelbetekenende naam: bhavani-shankara. Bhavani betekent serieus, vurig, vol ijver en shankara totaal geloof. Het betekent dat de wereld gebaseerd is op het tweeledige principe van vurigheid en geloof. Bhavani en shankara zijn onafscheidelijk, onderling afhankelijk en alles-doordringend. De hele wereld heeft dus de vorm 'ardhanaareswara' (tweeslachtig). Het is hierop gebaseerd, dat de termen 'srimati' (vrouw) en 'sri' (heer) gebruikt worden om personen aan te spreken. 'Srimati' geeft vurigheid aan, en 'sri' symboliseert geloof.
Wat voor naam of vorm je ook aanbidt, je hebt vurigheid en geloof nodig. Zonder deze twee kun je niets in het leven bereiken. Vurigheid leidt tot wijsheid. Alleen door geloof kan men de innerlijke God verwerkelijken. De goddelijkheid in de mens is de combinatie van bhavani en shankara.
De hele wereld is een combinatie van ichcha shakti (wilskracht), kriya shakti (kracht van handeling) en jnana shakti (kracht van wijsheid). Ichcha shakti is verwant aan de geest, kriya shakti aan het lichaam en jnana shakti aan het atma. Daarom wordt er gezegd: je bent niet één persoon, maar drie - degene die je denkt dat je bent (het fysieke lichaam), degene die anderen denken dat je bent (het mentale lichaam) en degene die je werkelijk bent (het principe van het atma). Je bent in essentie God, maar je kan dit niet bevatten. De veda's verklaren:
'God doordringt het hele universum, alles, met Zijn handen, voeten, ogen, hoofd, mond en oren.' God is getuige van alles wat je doet. Je kan wie dan ook misleiden, maar niet God, omdat Hij altijd in en met jou is.
Zonder de genade van bhavani-shankara zullen al jullie pogingen vergeefs zijn. Naam en vorm zijn niet van belang omdat deze onderhevig zijn aan verandering. Het lichaam is als een luchtbel in het water, de geest is als een dolle aap. Je kunt niet op ze vertrouwen. Maar er is iets binnenin je, dat waar en eeuwig is. En dat is God. Teneinde deze sluimerende goddelijkheid tot uiting te laten komen, moet je vurigheid ontwikkelen, dat op zijn beurt jouw geloof sterkt. Een boom groeit hoger en wordt sterker, naarmate de wortels dieper gaan. Evenzo wordt je geloof sterker, naarmate de vurigheid toeneemt. Geen naam of vorm kan je ooit helpen, als geloof en vurigheid in je ontbreken.
Vandaag de dag onderneemt men verschillende spirituele oefeningen om God te bereiken. Maar deze leiden alle slechts tot geestelijke bevrediging. De wijze Narada verspreidde de "negen wegen van toewijding"- sravanam (luisteren), kirtanam (zingen), vishnusmaranam (contempleren op God), padasevanam (dienen van zijn lotusvoeten), vandanam (begroeting), archanam (verering), dasyam (zijn dienaar zijn), sneham (vriendschap) en atmanivedanam (zelf-overgave).
Deze oefeningen kunnen geen eeuwigblijvende vreugde bieden. Heb een onwankelbaar vertrouwen, dat het universum de ware vorm van God is (viswam vishnuswarupam). Vishnu is de oorzaak en viswam is het gevolg. Deze twee zijn onafscheidelijk.
De veda's verklaren: 'Hoewel onbeweeglijk lijkt het toch in beweging.' Hier volgt een voorbeeld: in de droomtoestand kan je allerlei plaatsen bezoeken en vreugde of verdriet beleven, maar in werkelijkheid blijft je lichaam rustig en onbeweeglijk op het bed liggen. Dus alles wat je ziet en beleeft in deze wereld, is niets anders dan een droom. Alleen het atma is waar en eeuwigdurend. Het atma is sthiram (blijvend) en de wereld is charam (veranderlijk). Het menselijk leven is de vereniging van sthiram en charam.
'Het menselijk leven is het meest zeldzaam van alles.' (Veda-citaat) Niet alle wezens zijn zo gelukkig, om als mens geboren te worden. Niet alle mensen ervaren God. Sommigen doen spirituele oefeningen, zoals aanbidding van beelden, om God te bereiken. Men zou geleidelijk zijn blik naar binnen moeten keren en de eenheid van het atma ervaren.
Het is helemaal niet zo belangrijk hoeveel je van God houdt, wat belangrijker is, is hoeveel God van jou houdt. God is de belichaming van sat-chit-ananda. Sat betekent dat wat eeuwig is. Chit is totaal bewustzijn. Als water en suiker met elkaar vermengd worden, krijg je siroop. Op dezelfde manier resulteert de combinatie van sat en chit in ananda (gelukzaligheid). De ananda die jullie ervaren vanuit aardse genoegens, is tijdelijk. Je zult alleen ware en eeuwigdurende gelukzaligheid verkrijgen wanneer je je waarneming naar binnen keert, en het atma ervaart. Het heeft geen vorm maar is vol van gelukzaligheid.
Belichamingen van liefde!
Ten tijde van zijn geboorte draagt men geen krans van kostbare juwelen om zijn hals, maar men draagt toch zeker een zware krans - een krans gemaakt van de gevolgen van vroegere daden, goede of slechte. Dus wees er zeker van, dat alles goed is wat je doet, en bereik God. De veda's zeggen: 'Aaanbidt moeder en vader als God.' Eens kwam Ashok Singhal, de eerste secretaris van Viswa Hindu Parishad, naar mij met het verzoek: 'Laat ons alstublieft weten wat de geboorteplaats van Rama is, zodat we daar een tempel kunnen bouwen.' Ik antwoordde: De werkelijke geboorteplaats van Rama is de schoot van Kausalya.' Moeders schoot is de geboorteplaats van eenieder, of het nu een gewone man van de straat is, of de avatar zelf. Aanbidt daarom de moeder als God. Houd haar naam hoog en respecteer haar.
God is dichterbij en dierbaarder dan je fysieke moeder en vader. Prahlada was een toonbeeld van alle deugden, hoewel hij geboren was bij de goddeloze Hiranyakasipu. Hij had gerealiseerd dat Heer Narayana alles doordringt. Hij zong onophoudelijk de naam van Heer Narayana, zelfs toen hij werd gebeten door giftige slangen, van bergtoppen werd afgeduwd en in diepe oceanen werd gesmeten. Daar hij een enorm vertrouwen had in Heer Narayana, kwam de Heer hem iedere keer weer redden.
Vandaag, 19 november, wordt gevierd als Vrouwendag, alleen om jullie aan het belang van de moeder te herinneren. Je moet je gedragen zoals je moeder het wenst. Wees haar niet ongehoorzaam. Chaitanya, de grote toegewijde van Heer Krishna, trouwde Lakshmi op aandringen van zijn moeder, hoewel hij het huwelijk niet zag zitten. Maar, zoals het lot zou beslissen, stierf Lakshmi niet lang na de huwelijksvoltrekking. Zijn moeder Sachidevi voelde zich erg bedrukt omdat zij hem tegen zijn zin had doen trouwen. Chaitanya zei tot haar: 'Dit is wat er gebeurt als men tegen de stem van zijn geweten ingaat.'
Als je dus voelt dat het correct is wat je doet, probeer dan je moeder te overtuigen, maar kwets haar gevoelens nooit.
Misschien heb je de verkeerde indruk dat vrouwen lichamelijk en geestelijk zwak zijn. Zij zijn echter in feite sterker dan mannen. In het epos Mahabharata staat een verhaal van een koningin, Pramila, die Arjuna wilde huwen. Maar Arjuna wilde dit huwelijk niet. Pramila stuurde haar opperbevelhebber Malayavathi erop uit, om Arjuna gevangen te nemen. Malayavathi voerde een felle strijd met Arjuna, nam hem uiteindelijk gevangen en bracht hem voor Pramila.
Zij verzocht hem met haar te trouwen, maar Arjuna weigerde te trouwen zelfs al zou hem dat zijn leven kosten. Pramila was heel toegewijd aan Heer Krishna, net als Arjuna. Beiden baden vurig. Krishna, de regisseur van het kosmisch drama, trok zijn eigen meesterplan. Hij verscheen ter plekke, riep Pramila en Arjuna bij zich, bracht hun handen tesamen en wijdde het huwelijk in. (naar pag 2)