|
Bomen
dragen vruchten voor het welzijn van anderen
|
|
Rivieren
stromen ten behoeve van de vooruitgang van allen
|
|
Koeien
geven melk voor het welzijn van anderen
|
|
Het
lichaam is de mens geschonken om anderen te helpen
|
|
Sanskriet
vers
|
|
| In deze wereld
helpen bomen, rivieren en koeien de mens zonder enig spoor van zelfzuchtig
motief. Ze verwachten er niets voor terug. Zonder bomen, rivieren
en koeien kan de wereld niet bestaan. Feitelijk ondersteunen zij
haar. De ironie is echter dat de mens geen enkele poging doet om
anderen te helpen en te dienen. De geest van opoffering, zo vanzelfsprekend
aanwezig binnen bomen, rivieren en runderen, is zoek in de mens
van tegenwoordig. Hij besteedt al zijn tijd aan het vervullen van
zijn zelfzuchtige behoeften, en geeft zelfs geen moment van zijn
tijd om iets goeds voor anderen te doen, of hen te helpen. |
| Sai Avatar
is in dit ijzeren tijdperk (kali yuga) geïncarneerd met de
goddelijke opdracht, om ieder individu bewust te maken van zijn
verbinding met de gemeenschap, en uiteindelijk met goddelijkheid.
|
|
| Het ware
individuele karakter van de mens |
| Transformatie
op individueel niveau is zonder meer belangrijk. Maar vandaag de
dag is de mens zijn tijd aan het verknoeien met kwaadaardige praktijken.
Hij geeft dag in dag uit toe aan slechte handelingen. Hij verlaagt
zichzelf door zijn slechte gewoonten. Hij doodt beesten en eet hun
vlees. In plaats van zijn geest te zuiveren, beschadigt hij deze
door giftige stoffen in te nemen. Hij verknoeit tijd, hetgeen juist
een goddelijke vorm is bij uitstek, door te gokken. Hij geeft voeding
aan slechte eigenschappen, door toe te geven aan kwalijke handelingen.
Bovendien laat hij zich in met vernederende handelingen zoals stelen
en het zwart maken van andere personen. Hij leest vulgaire boeken
die slechte gedachten en gewelddadige gevoelens in de hand werken.
Naarmate hij steeds meer toegeeft aan ontaarde handelingen, vervuilt
en ontaardt hij eveneens de maatschappij. Als individuen zich inlaten
met slechte manieren, degenereert de gehele samenleving. Het onderwijzen
en verspreiden van spiritualiteit is onontbeerlijk voor de zuivering
van individu en samenleving. |
|
| Wat betekent
spiritualiteit? Datgene dat de dierlijke natuur van de mens vernietigt,
medemenselijkheid aanmoedigt en hem uiteindelijk omvormt tot een
goddelijk wezen, is spiritualiteit. Aanbidding, het zingen van devotionele
liederen en het uitvoeren van riten, zijn handelingen die minder
belangrijk zijn. Zij kunnen niet op één lijn worden gesteld met
ware spiritualiteit. Het woordje SAI maakt aan de wereld duidelijk
wat de betekenis is van transformatie op drie niveaus. De letter
S staat voor transformatie op Spiritueel niveau, de letter
A voor transformatie op Associatief (sociaal) niveau, en
de I voor transformatie op Individueel niveau. Individuele
transformatie is de basis voor de andere twee. Daarom is dit de
eerste stap. Alleen, tegenwoordig wordt het woord 'individueel'
niet goed begrepen. |
| Meestal houdt
men alleen rekening met de menselijke vorm, en identificeert men
dit met een individu. Wat is een individu? Hij die zijn niet-manifeste
(avayakta) goddelijkheid uitdrukt door middel van zijn gedrag,
is een individu (vyakti). Dit verborgen goddelijke beginsel
doordringt het hele wezen van een individu, van top tot teen, en
wordt geweten genoemd. |
| Het behoort
tot de typisch menselijke aard, om de aanwezigheid van dit geweten
te laten zien en uit te drukken. Maar in plaats van het manifesteren
van het zuiver innerlijk wezen, het Zelf, laat de mens tegenwoordig
slechte eigenschappen en neigingen zien die zijn verbonden met zijn
uiterlijk, dat wil zeggen het lichaam. |
| Het goddelijk
bewustzijn (chaitanya) dat verscholen ligt in ieder menselijk
wezen, dat is zijn ware individualiteit. Dit bewustzijn moet op
het juiste spoor worden gezet. |
|
| Richt je
zintuigen in de goede richting |
| De vorige dag
zei ik: 'Sarvam khalvidam Brahma' (dit alles is werkelijk
Brahman). Dit is een mantra. 'Easwara sarva bhutanam' (God
woont in alle wezens) is een andere mantra. |
| Het is van
groot belang voor iedereen, om de innerlijke betekenis van deze
mantra's te begrijpen en te realiseren. Iedere mantra is vol van
diepe innerlijke betekenis. Het is onmogelijk om de ware betekenis
van de mantra's te begrijpen, zonder het verwerven van deugden.
Welke zijn die deugden? Juiste visie (samyak drishti) is
er een. De mensheid zal in gevaar verkeren zonder een juiste visie.
Het beeld van ieder voorwerp dat wordt gezien, wordt in de geest
ingeprent. Daarom moet men allereerst een juiste blik hebben. Een
juiste visie is die, welke niet is besmeurd door de verderfelijke
invloed van slechte gevoelens, slechte gedachten en slechte daden.
Kijk niet naar het kwade, kijk naar wat goed is. |
| Datgene, wat
je inzicht om het goede, eeuwige en ware te begrijpen, ontwikkelt,
is de juiste visie. Vervolgens komt goed luisteren (samyak sravanam).
Je zou eigenlijk alleen je oor te luisteren moeten leggen bij juiste
woorden. Luister onder geen beding naar slechte woorden. Hiertoe
zou je moeten luisteren naar heilige teksten, bhajans en verhalen
over gewijde handelingen. |
|
| Alles in deze
wereld is van voorbijgaande aard. De Veda's zeggen: 'Yath drisyam
thannasyam' (alles dat wordt gezien, zal verdwijnen). Alles
dat je ziet, zal op een of andere dag verdwijnen. Goed luisteren
(sravanam) is de eerste stap van het negen-voudige pad van
toewijding (bhakti). Luisteren, het bezingen van de glorie
van God, voortdurende herinnering van de naam van Vishnu, het dienen
van de voeten van God, aanbidding, begroeting, dienstbaarheid, vriendschap
en zelf-overgave zijn de 9 paden van toewijding. (Sravanam, keerthanam,
vishnusmaranam, padasevanam, archanam, vandanam, dasyam, sneham,
Atmanivedanam). De eerste stap tot de uiteindelijke daad van
zelf-overgave (Atmanivedanam) is dus luisteren (sravanam).
Sruti (goddelijk geluid, bijv. in de Veda's) is uitsluitend
een afgeleide van sravanam. |
|
| De volgende
deugd is juist gebruik van spraak (samyak vak). Juiste visie
en goed luisteren leiden tot een juist gebruik van de tong. Je zou
op een goede manier moeten praten. Spreek nooit harde woorden uit.
Spreek zacht en vriendelijk. Dáárom zeg ik vaak tegen jullie: 'Je
kunt niet altijd iemand plezieren, maar je kunt wel altijd plezierig
spreken.' Zeg wat je te zeggen hebt, zonder scherpe woorden. Spreek
zo zacht, dat alleen de persoon voor wie je woorden bedoeld zijn,
jou kan horen. Jullie zouden een dergelijke zachte en vriendelijke
manier van praten moeten ontwikkelen. |
| Juiste visie,
goed luisteren en een goede wijze van spreken leiden tot goede gedachten.
'Zoals je gedachten zijn, zo zal het resultaat zijn' (yad bhavam
tad bhavati). Juiste gedachten leiden tot juiste handelingen
(samyak karma). Zonder goede gedachten is het niet mogelijk
om goede handelingen uit te voeren. |
|
| Boeddha deed
boetedoening (tapas) gedurende vele jaren, om zijn vijf zintuigen
op het heilige pad te brengen. Boekenwijsheid alleen leidt tot niets.
Dat is in feite iets kunstmatigs. Kennis volgens de letter zal jullie
niet leiden tot een juiste waarneming. |
| Op dezelfde
wijze zal je zintuig van het gehoor niet heilig worden door naar
de uiteenzettingen van een leraar te luisteren. En goede gedachten
kunnen niet worden verkregen door geschriften te lezen of te luisteren
naar de leringen van de auteur. Door eigen inspanning moeten jullie
je zintuigen van geluid (sabda), tast (sparsa), vorm
(rupa), smaak (rasa), en reuk (gandha) op een
goede wijze gaan gebruiken. Dat alleen leidt jullie tot goede spirituele
oefeningen (sadhana). Als je je zintuigen juist aanwendt,
zal ook je leven de juiste koers gaan volgen. |
| De zintuigen
zijn de oorzaak van de verkeerde houding van de hedendaagse mens.
Naarmate de zintuigen onzuiver worden, wordt het hele leven ook
onzuiver en ontheiligd. Als je je leven wilt heiligen, moet je eerst
je zintuigen heilig maken. Boeddha die dus boete deed gedurende
jaren, begreep dat alle ritualistische praktijken geen zin hadden.
Hij verklaarde dat juiste visie, goed luisteren, goede gedachten
en juist gedrag de vijf basisprincipes zijn bij het begeleiden van
de mens. |
|
| Deze vijf beginselen
zijn de vijf levensenergieën (pancha prana's) en vijf omhulsels
of levenslagen (kosha's) van de mens. Het fysieke lichaam
is het voedselomhulsel (annamaya kosha). Het lichaam is niet
permanent. Maar je moet het wel voedsel geven, omdat alleen een
goed gevoed, gezond lichaam het levensomhulsel (pranamaya kosha)
en het mentale omhulsel (manomaya kosha) ondersteunen. |
| Pranamaya
kosha ondersteunt de evenwichtige stroom van levenskracht (prana)
door het lichaam. Mensen beperken zichzelf tot deze drie lagen,
niemand probeert de vierde laag van wijsheid (vijnanamaya kosha)
te bereiken, welke boven het voedsel-, levens- en mentale niveau
uitstijgt. Dit niveau wordt slechts bereikt na het overstijgen van
de eerste drie lagen. Wat is de aard van deze drie lagen? Datgene
waarvan je denkt dat jij het bent, is de voedsel-laag (het fysieke
lichaam). Datgene wat anderen denken dat je bent, is de mentale
laag. Datgene wat je werkelijk bent, is de levenslaag. Wanneer de
mens de wijsheidslaag binnengaat, dan alleen ervaart hij echte gelukzaligheid.
De mens moet dus zijn lichaam gezond houden. |
| Maar hij moet
weten dat hij, omdat het lichaam met de zintuigen is verbonden,
de zintuigen op het goede spoor moet zetten. Alleen als de zintuigen
de juiste weg gaan, zal de levensenergie op een goede manier trillen
binnen het lichaam. Deze trilling is goddelijk van nature. |
|
| In de Gayatri
mantra heeft het woord 'bhur' betrekking op het lichaam.
Het lichaam is samengesteld uit grove elementen als water, kalk,
lood, ijzer e.d. Al deze elementen kosten misschien niet meer dan
één rupee. Maar de waarde van het lichaam is niet één rupee. Deze
waarde is onmeetbaar. 'Bhur' staat ook voor aarde. De aarde
bestaat uit materie, dat vergaat. Het woord 'bhuva' in de mantra
staat voor trilling. Het lichaam bestaat uit grove materie dat onbeweeglijk
is zonder de levensenergie trilling. Als deze trillingen er niet
zijn, is het lichaam slechts levenloze materie. Deze trilling ontstaat
weer vanuit straling (svaha), welke is verbonden met spirituele
kennis. |
|
| Zuiverheid
in gedachte, woord en daad |
| Deze spirituele
kennis komt uit de Veda's. De vier diepzinnige verklaringen (mahavakya's)
van de Veda's die deze kennis doorgeven, zijn: 'Kennis is Brahman
(prajnanam Brahma), Atma is Brahman (Ayamatma Brahma),
Ik ben Brahman (Aham Brahmasmi) en Dat ben jij (Tatthwamasi).'
De levensenergie (prana) of trilling kan alleen werken door
middel van straling. Zonder de straling van prajnana kan
trilling geen enkele beweging hebben. Het wordt traag en zwaar.
Ware menselijkheid ligt erin, deze drie beginselen in evenwicht
te brengen. Daarom moet de mens deze eenheid van materialisatie,
trilling en straling bewerkstelligen. Harmonie in gedachte, woord
en daad wordt ook wel genoemd: trikarana suddhi. |
|
| Ik zal jullie
een voorbeeld uit de Mahabharata vertellen, om dit duidelijk
te maken. Dharmaraja, de oudste broer van de Pandava's, was de belichaming
van waarheid, rechtschapenheid, vrede, liefde en geweldloosheid.
Draupadi, uit vuur geboren, stelde levenskracht (prana) voor.
Bhima, zoon van de God van de wind, symboliseerde kracht van bewustzijn
(chaitanya shakti). Je weet dat leven zonder bewustzijn inert,
traag (jada) is. Arjuna symboliseerde de kracht van de innerlijke
motivator (antahkarna shakti). Nakula en Sahadeva stelden
de organen van waarneming (jnanendriya's) voor, respectievelijk
organen van handeling (karmendriya's). Waarheid, rechtschapenheid,
vrede en liefde vergezellen de zintuigen van handeling en kennis,
treden de zetel van gedachten en gevoel (Antahkarna) binnen,
met behulp van de levenskracht genaamd trilling en verblijven aldaar. |
| Dus de goddelijkheid
die in ieder individu aanwezig is, is verbonden met de vijf zintuigen
van waarneming, gehoor, tast, zicht, smaak en reuk. Om de aard van
deze waarheid te herkennen zou de mens allereerst eenheid van gedachte,
woord en daad, en volledige harmonie daarbinnen tot stand moeten
brengen. Dit is de echte spirituele oefening. Vandaag de dag is
het kenmerkend dat men iets denkt, iets anders uitspreekt en weer
iets totaal verschillends uitvoert. 'Zo'n wijze van functioneren
is kenmerkend voor een verdorven persoon' (Manasyanyath vachasyanyath
karmasyanyath duratmanam). |
|
| Arjuna was
het toonbeeld van zuiverheid in gedachte, woord en daad. Nakula
en Sahadeva die de waarnemingszintuigen en het handelen symboliseerden,
voorzagen in de juiste hulp. Bhima, de zoon van de God van de wind,
stond aan de zijde van Dharmaraja. Zijn aanwezigheid was even essentieel
als zuurstof in lucht. Draupadi symboliseerde de levenskracht. Alleen
met behulp van deze kracht kon Dharmaraja waarheid, gerechtigheid,
vrede en liefde ontwikkelen. Dus stonden de Pandava's voor het juiste
gebruik van alle krachten binnen het lichaam, in zuiverheid en harmonie. |
|
| Het idealisme
van Draupadi |
| Epische verhalen
zoals de Mahabharata en de Bhagavata en andere oud-Indiase geschriften
weiden uit over deze spirituele werkelijkheden. Hoewel Bhima en
Arjuna ziedden van woede en wraak toen hun zoons waren vermoord
door Aswatthama, suste Draupadi hun kwaadheid. Hoewel zij ook overmand
was door het verlies van haar kinderen, bewaarde zij een volmaakte
staat van gelijkmoedigheid. Toen Arjuna in een vlaag van woede zo
ver was om Aswattama te doden, haalde zij de geschriften aan en
deed hem van gedachte veranderen. Draupadi stond bekend om haar
onbezoedelde karakter. Ze werd ook wel Panchali genoemd. Dit woord
is vaak verkeerd begrepen, als een vrouw die met vijf mannen getrouwd
is. Nee, dat is niet juist. Zij was in staat om de functies van
de vijf zintuigen in de juiste orde te plaatsen, op een zuivere
manier. Toen Arjuna op het punt stond Aswatthama te doden, gaf zij
hem als volgt raad: |
|
|
'O
Arjuna, het is onjuist gedrag om iemand die door vrees is bevangen
te doden, of iemand die van streek is, slaapt, zich niet bewust
is wat er gaande is, of zich heeft overgegeven, die hulpeloos
is, ongewapend is, of van het vrouwelijk geslacht.' (Gedicht
in Telugu)
|
|
'Je
woorden zijn vol boosheid. Dat is een gevaarlijke karaktertrek.
Geen enkel menselijk wezen zou boosheid in zich moeten hebben.
Degene die vol zit met woede bereikt niets anders dan ongenade.
Boosheid zet iemand aan tot kwade handelingen. Zo'n individu wordt
door iedereen veracht.' (Gedicht in Telugu)
|
|
|
Bhima
was ook woedend. Draupadi sprak als volgt tot hem:
|
|
|
|
'Boosheid
vernietigt iemands rijkdommen. Het vernietigt iemands respect.
Het doet je vervreemden van je naasten. Het veroorzaakt verlies
van alles.' (Gedicht in Telugu)
|
| |
| Aswatthama
had al haar vijf zonen vermoord. Men kan zich voorstellen hoe haar
geest eraan toe was. Zij zou gerechtigd kunnen zijn om de felste
woorden uit te spreken. Maar zij had zich niet verhard in haar gevoelens.
Zij rende naar Aswatthama en viel voor zijn voeten en stelde zijn
meedogenloosheid op een vriendelijke manier ter discussie: |
|
| 'Zij droegen
geen wapens en gingen niet tegen jou tekeer. Zij waren niet op het
slagveld. Zij verwondden jou niet, nog met geen schrammetje. Ze
stonden niet klaar voor een gevecht. Hoe zou je zulke onschuldige,
slapende kinderen kunnen doden?' (Gedicht in Telugu) |
| |
| Draupadi sprak
zo op een zachte wijze. Ze gebruikte nooit harde woorden, zelfs
niet in uiterste wanhoop. Iedereen zou in feite vriendelijk moeten
spreken. Wat zou men tegenwoordig moeten leren? Men zou zijn zintuigen
moeten benutten op de juiste wijze, en zo moeten volharden in het
bereiken van de goddelijke staat. |
| |
| Doel van
de Avatar |
| In dit leven
is devotie het meest belangrijke voor de mens om te leren. Wijsheid
(jnana) is de wortel van de boom der liefde. De vrucht ervan
bevat zoet sap. Dat is het sap van de toewijding. Dit sap of extract
(raso) is bij uitstek een vorm van het goddelijke. |
| 'Hij is verrukkelijke
essentie' (raso vai sah). Bhakti is dus DE essentie van goddelijkheid.
De zoetheid van devotie zou in je woorden moeten weerklinken. Vandaar
dat ieder door jullie uitgesproken woord, vriendelijk moet zijn.
Alleen dan verdien je het, een mens te worden genoemd. Wanneer ben
je in staat om zacht te spreken? Als je het goddelijke beschouwt,
dan worden je woorden vriendelijk. Maar het kan soms nodig zijn,
harde woorden te bezigen om sommige mensen te corrigeren die zich
slecht gedragen. Hoewel de woorden hard lijken, zouden de gevoelens
erachter verzadigd moeten zijn met liefde. Soms als het regent,
vallen hagelstenen met de zachte druppels mee. Deze zijn ook niets
dan water, in bevroren vorm. In dit verband, zal ik jullie een voorbeeld
geven. |
|
| Gedurende de
Mahabharata-oorlog, zwoer Aswatthama dat hij de Pandava's zou bestormen
vóór zonsondergang. Draupadi hoorde over deze eed. Ze bad tot Krishna:
'Ik heb niets nodig, ik hoef geen koninkrijk, maar red de Pandava's.'
Krishna zei: 'Dat ligt niet in mijn handen, die eed kan niet ongedaan
worden gemaakt.' Draupadi pleitte tot Krishna: 'Er is niets in deze
wereld dat u niet kan volbrengen. Alles is in uw handen, als u wilt
kunt u alles bewerkstelligen.' Zo gesproken hebbende, viel zij aan
zijn voeten. |
|
| Heer Krishna
zegende haar en stippelde meteen een plan uit. In de donkere nacht
ging hij naar de wijze Durvasa. De Pandava's die de Heer vergezelden,
wachtten buiten, zoals opgedragen door Krishna. Om zijn toegewijden
te beschermen, moet de Heer vele rollen spelen. Als hij deze niet
speelt, dan verliest het spel simpelweg zijn betekenis en wordt
oninteressant. Durvasa verwelkomde Krishna uitbundig. |
|
| Krishna zei:
'Ik ben hier gekomen met een doel. Het is een heel moeilijke opdracht.
Je moet me helpen.' Durvasa zei: 'Ik ben bereid tot het uitvoeren
van welke opdracht ook, behalve het vertellen van een leugen.' Krishna
zei: 'Voor mij is het uitspreken van een leugen ook onaanvaardbaar.
Ik ben zelf goddelijk. Ik hang altijd de waarheid aan. Hoe kan ik
jou dan aanzetten tot het uiten van een leugen? Ik heb een plan
bedacht. Alsjeblieft, handel ernaar. Dat zal mijn wens vervullen.' |
|
| 'Heer, hééft
u dan een wens?' vroeg Durvasa. 'Ik heb wensen ten dienste van anderen.
Ik heb geen wensen voor mijn eigen bestwil. Wat ik ook doe of zeg,
het is voor het welzijn van anderen. Ik stel nooit mijn eigen welzijn
als doel', antwoordde Krishna. |
|
| 'Heer, wat
zou ik moeten doen?' sprak Durvasa. Krishna zei: 'Graaf een groot
gat. Leg er een dikke plank overheen en zet je troon daarop. De
Pandava's verstoppen zich in het gat. Als Aswatthama hier komt met
zijn handlangers en vraagt waar de Pandava's zich bevinden, zeg
hem dan dat de Pandava's onder jou zijn. Maar zeg dit op een harde
toon.' |
| Durvasa stond
bekend om zijn slechte humeur. Aswatthama zocht overal en kwam uiteindelijk
bij Durvasa terecht. Hij begroette Durvasa en vroeg naar de Pandava's.
Durvasa zei op een boze toon: 'De Pandava's zitten onder mij.' Hij
sprak de waarheid maar met een andere intonatie. Bang dat de wijze
hem zou vervloeken, rende Aswatthama ervandoor. |
|
| Op deze manier
moet God soms wel eens omstandigheden bedenken, om de wereld te
beschermen. Hij probeert niet alleen de heiligen te beschermen,
maar ook de heiligheid zelf. Deze heiligheid is aanwezig in ieder
wezen. De Heer incarneert om het heilige te behoeden. 'Ik incarneer
van tijd tot tijd om de rechtvaardigen te beschermen en de slechten
te vernietigen, om dharma te vestigen.' Rechtschapenheid (dharma)
kan nooit vernietigd worden, het bestaat in ieder tijdperk. Maar
er zijn situaties waarin het bestaan ervan in gevaar wordt gebracht.
De Heer incarneert om rechtschapenheid opnieuw te vestigen, en het
een plaats te geven die het toekomt. Als rechtschapenheid vatbaar
zou zijn voor vernietiging, hoe kunnen we dat rechtschapenheid noemen?
Rechtschapenheid kan dus nooit weggevaagd worden. Maar het kan wel
worden verdonkeremaand. Het is het doel van de Avatar om rechtschapenheid
zichtbaarder te maken. |
|
| Verzadig
je leven met liefde |
| De vraag rijst:
'Wie is God?' Jullie zijn allen vormen van God. Het Zelf (Atmatathwa)
dat in ieder wezen aanwezig is, dat is in feite God. Dat is goddelijkheid
in de ware zin des woords. 'Er huist een aspect van Mijn goddelijkheid
in ieder wezen.' Ga niet op zoek naar God. Kijk binnen in je. Het
goddelijke zal zich in jullie openbaren. Er kunnen nog zo veel spirituele
teksten bestaan, en verschillende spirituele leringen, maar het
Zelf (Atma) is hetzelfde. Er bestaat niet zoiets als een
Japans of Amerikaans Atma, of van welk land dan ook. Het overstijgt
alle onderverdelingen naar geloof en kaste. Het kent geen onderscheiding
tussen man en vrouw. Het gaat boven alle verschillen uit. |
| 'De aard van
het Zelf wordt het best omschreven als: zonder eigenschappen, zuiver,
eeuwig, vrij van bindingen, onbedorven en onsterfelijk.' Dit eeuwige
Atma is aanwezig in ieder menselijk wezen. |
|
| Iemand vroeg
eens aan Shirdi Sai Baba: 'Bent u God?' Wat was zijn antwoord? 'Alles
is een vorm van God', zei Shirdi Baba. Dezelfde goddelijkheid is
dus aanwezig in ieder wezen, omdat alles een vorm van God is. Maar
mensen kunnen het goddelijke niet realiseren omdat zij uit de gifbeker
van wereldse verlangens drinken. Dit leidt tot onwetendheid en niet
tot God. Daarom zou je iets moeten nuttigen dat goddelijkheid stimuleert.
Wat is dat? Liefde. Als je de vrucht van de liefde proeft, heb je
geen ander voedsel nodig. Liefde is het sap dat in alle vruchten
zit. Het is het hoogste doel. Het is het einddoel van alle spirituele
oefeningen. Jullie zouden deze liefde moeten ontwikkelen met een
zuivere en stabiele geest. Hiertoe moeten jullie lichaam, geest
en zintuigen op het juiste spoor houden. |
|
| Ik vertelde
jullie gisteren over de drie manieren die je kunnen helpen om je
leven te stroomlijnen: 'Buig het lichaam, herstel je zintuigen en
roep je geest een halt toe.' Waar staat de stelregel 'Buig het lichaam'
voor? Betekent het dat het lichaam zich buigt over een of ander
karwei? Nee. Je zou je lichaam moeten buigen in nederigheid, respect
en liefde als je ouderen of je ouders tegenkomt. In vroegere tijden
waren de ingangen van de huizen in de steden en op het platteland
een beetje laag. Bezoekers moesten hun hoofd buigen om de huizen
binnen te gaan. Om de betekenis van de spreuk 'Buig het lichaam'
te benadrukken, bouwde men in die oude tijden de ingangen met opzet
laag. |
|
| Verbeter je
zintuigen. Jullie moeten je zintuigen beheersen, door middel van
een juiste visie, en goed luisteren, spreken, denken en handelen.
Dat betekent het einde van de denkende geest. Hier volgt een voorbeeld.
Dit is een kledingstuk. Je noemt het zo, zolang het nog heel is.
Als je de draden er een voor een uittrekt, zal er geen kledingstuk
meer over zijn. De draden symboliseren je wensen. Er wordt gezegd:
'Met minder bagage méér comfort, maak het reizen tot iets prettigs.'
Jullie nemen elke dag meer bagage op je nek. Deze last is een grote
hinderpaal geworden voor jullie vooruitgang en geluk. Je zou deze
hindernis moeten opruimen en dichterbij goddelijkheid moeten komen.
Salokya betekent: nabij God. Sarupya betekent: het
komen tot een goddelijke vorm. Hoe is dit mogelijk? De Veda's zeggen:
'De kenner van Brahman wordt Brahman' (Brahmavid Brahmaiva bhavati).
Prahlada, die over Heer Narayana mijmerde, wèrd Narayana zelf. De
demon Ratnakara reciteerde de naam van Heer Rama, en transformeerde
zichzelf tot de heilige Valmiki. Hanuman contempleerde over de naam
van Heer Rama. Hij wordt aanbeden door de toegewijden van Rama.
|
| Sayujya
betekent: volledige integratie of samensmelting met de Heer. Dit
is het einddoel van alle vormen van geestelijke oefening. |
|
| Verschillende
manieren van spiritualiteit worden uiteengezet in de Veda's,
de heldenverhalen en de Puranas, maar liefde is de essentie
van al deze manieren. Liefde is onveranderlijk. Er zou geen enkele
verandering in liefde moeten zijn. Ontwikkel deze onveranderlijke
liefde en breng je leven tot vervulling. |
|
|
'Begin
de dag met liefde,
|
|
Vul
de dag met liefde,
|
|
Breng
de dag door in liefde,
|
|
Eindig
de dag met liefde,
|
|
Dit
is de weg naar God.'
|
|
| Je zou je leven
met liefde moeten verzadigen, en je leven besluiten met goddelijke
liefde. Alle andere gedachten zullen je gelijkmoedigheid verstoren. |
|
| Gaven van
God |
| De mens bezit
alle soorten rijkdom, behalve twee. Deze twee rijkdommen bezit God.
Je kan deze verwerven door tot God te bidden. Deze twee zijn vrede
en gelukzaligheid. Je kunt je best op een andere manier ook gelukkig
voelen, maar weet dat een dergelijk geluk voorbijgaat. Eeuwige vrede
en gelukzaligheid zijn de gaven van God. Dus zal je moeten bidden
hiervoor. Je gebed zou kunnen klinken als: 'Mijn Heer, ik wens niets
dat ook maar gevonden kan worden in deze wereld. Schenkt u me alstublieft
dat wat van u alleen komt, vrede en gelukzaligheid. Ik wens niets
anders dan deze twee zaken.' Plezier en geluk dat verkregen wordt
van zaken van deze wereld, zijn een kort leven beschoren. Laten
je gebeden tot God niet bedoeld zijn voor deze veranderlijke dingen.
Bid tot God voor vrede en gelukzaligheid. Met behulp van dit gebed
kunnen jullie Gods liefde en genade winnen. Als je eenmaal Gods
liefde verworven hebt, kan je de hele wereld veroveren. Als je tot
God bidt voor zijn liefde, dan wordt ook aan je aardse behoeften
vanzelf voldaan. |
|
| Eens deed een
koning boete. Hij had geen kinderen. God openbaarde zich voor hem
en vroeg hem wat hij wilde. De koning sprak: 'Heer, ik wens dat
ik erbij ben als mijn achterkleinzoon het koninkrijk regeert.' Hoeveel
wensen liggen er in één wens besloten! Hij zou kinderen willen hebben.
Zijn kinderen zouden ook kinderen moeten krijgen. Het koninkrijk
zou onder zijn leiding moeten blijven tot zijn achterkleinzoon volwassen
wordt en gaat regeren. Zijn ogen moeten nog goed deze voortgang
kunnen waarnemen. Deze ene wens die hij uitsprak, bevat alle andere
verlangens. Op dezelfde wijze zullen ook al je aardse verlangens
vervuld worden, als je tot God om liefde bidt. |
|
| 'De mens
zit onder een boom die twaalf zorgen draagt. Geboorte en dood zijn
zorgen, jeugd is een zorg, ouderdom is een zorg, mislukking en succes
zijn zorgen, handeling, hindernissen, zelfs blijdschap zijn zorgen,
alle onzekerheden zijn zorgen. O, komt allen en verwijder dit alles.
Al jullie zorgen zullen verdwijnen.' (Gedicht in Telugu) |
|
| Deze tamarindeboom
van zorgen is geen geschikte boom om onder te schuilen. Als je Gods
liefde ontvangt, zullen al deze zorgen verdwijnen. Dit is jullie
enige behoefte. En dit zou jullie enige wens moeten zijn. Alle andere
spirituele oefeningen zijn van geen betekenis. Liefde kan er niet
door worden verkregen. Gebed en bhakti met intens verlangen
naar Gods liefde en genade zullen je hart met liefde vullen. Bezing
de naam van de Heer onophoudelijk, om die liefde te verwerven. |
|
| Bhagavan beëindigde
zijn lezing met de bhajan: 'Pibare Rama rasam…' |
|
| Uit Bhagavans
toespraak in 'Sai Shruti', Kodaikanal, 28 april 1999. |
| Uit: Sanathana
Sarathi, oktober1999 |